De erfenis van Tula … in Rotterdam

Voor RTV Rijnmond maakte ik twee radio-items en een internetverhaal over Tula en over zijn erfenis in Rotterdam. De stad huisvest veel verschillende nationaliteiten en die leven allemaal naast elkaar, toch? “Tula zou de samenleving in Rotterdam zien als iets moois”, denkt een Rotterdamse. “Er is nog een hoop te verbeteren, maar voor hem was dit al een droom. Tula is niet zo bekend in Nederland, maar zou wel bekend moeten zijn. Ik ken hem omdat ik opgegroeid ben op Curaçao. We kunnen allemaal van hem leren.”

“Ik denk dat mensen van kleur in Rotterdam erg bewust zijn van hun positie tegenover anderen”, vertelt Leana. Zij merkt elke dag dat nog steeds niet iedereen gelijk is. “Je merkt het aan een hoop kleine dingen in het dagelijks leven.” “Ik maak dat bijna dagelijks mee en het blijft gewoon vervelend. Juist al die kleine dingen maken dat je er soms best wel verdrietig om kan zijn”, vult Selina aan.

Leana en Selina maken onderdeel uit van een team dat Showroom Mama, een expositieruimte in de Witte de Withstraat, tijdelijk runt. “Het is algemeen bekend dat de culturele wereld erg wit is. Dat wij, jongeren van kleur, hier een dergelijke kans krijgen, is best uniek.”

Het hele verhaal en alle interviews zijn te horen op RTV Rijnmond.

Advertenties

Afschaffing slavernij geen reden tot feest (2017)

Keti koti, 1 juli, de afschaffing van de slavernij, het zegt veel groepen mensen zeer weinig. Hieronder vallen veel blanke Nederlanders, maar ook op Curaçao is 1 juli geen dag waar massaal bij stilgestaan wordt. Op 1 juli 1863 is de slavernij in Nederland afgeschaft. Deze dag wordt op Curaçao gezien als de dag dat de Nederlanders de vrijheid toelieten. Voor de Curaçaoënaars is 17 augustus 1795 veel belangrijker: deze dag zien zij als het begin van het einde van de slavernij.

Op Curaçao zijn ze ‘stoutmoediger’, zei voormalig Curaçaose minister van Cultuur, Rubia Bitorina, op de herdenking van 150 jaar afschaffing in 2013. In haar speech vergelijkt zij de 1 juli viering van Suriname met die van Curaçao. In Suriname is het een grote feestdag, maar op Curaçao wordt op 1 juli helemaal niets gevierd. “Zij vieren in augustus dat de slaven hun eigen leven wilden leiden. Zij vieren 17 augustus. Dat is de dag dat Tula in 1795 de grote slavenopstand begon. De dag dat slaven zelf besloten vrij te zijn. Dat is een reden om te vieren”, aldus Bitorina. De herdenking van vier jaar geleden is een uitzondering, andere jaren wordt de afschaffing van de slavernij niet herdacht en niet gevierd. Momenten die belangrijk zijn voor de emancipatie van de Curaçaoënaars worden wel gevierd. 2 juli, Dia di Bandera, de dag van de vlag is één van deze feestdagen. Het hebben van een eigen vlag, land en volkslied wordt dan gevierd.
          Een andere grote feestdag is dus 17 augustus. Het is nog immer belangrijke dag op Curaçao door de impact van de slavenopstand die op deze dag in 1795 begon onder leiding van Tula, Bastiaan Carpata en Louis Mercier. Tula wordt gezien als de grote leider en is sinds 2010 de nationale held van Curaçao. Hij was een slaafgemaakte op plantage Grote Knip en had een samenleving voor ogen waarin iedereen gelijk zou zijn. Dit blijkt uit het gesprek dat hij had met pastor Schink gedurende de revolte. “Wij zijn al te zeer mishandelt, wij zoeken niemand kwaad te doen, maar zoeken onze vrijheid”, zei Tula toen Schink hem probeerde over te halen om te stoppen met zijn vrijheidsstrijd.

Al was de revolte neergeslagen en waren de leiders vermoord, de slaafgemaakten verlangden, volgens kapitein Van Westerholt, naar een nieuwe opstand. Hij nam daarom maatregelen om nieuwe opstanden te voorkomen. Zo werden onder meer zondagen vrije dagen voor slaafgemaakten en werden de eigenaren verplicht om hun slaafgemaakten te voorzien van kleding. Deze verzachtende maatregelen waren er niet om de levens van de slaafgemaakten te verbeteren, maar om opstanden te voorkomen. Toch was het voor een kleine stap vooruit.
          De Curaçaose vrijheidsstrijd van 1795 is op zichzelf het herdenken waard, maar heeft vooral zijn stempel op de geschiedenis gedrukt doordat het onderdeel was van een reeks opstanden tegen de onderdrukkers, tegen de Nederlanders. In het gehele Caribische gebied zijn 8 á 9 slavenopstanden geweest waar meer dan 2000 mensen aan deelnamen. Twee hiervan vonden plaats op Curaçao, in 1795 en in 1800. Mede hierdoor hadden de Curaçaose slaafgemaakten een zeer slechte reputatie, maar deze reputatie hadden zij al voor de opstanden begonnen halverwege de 18e eeuw. De slaafgemaakten werden daarvoor al beschreven als ‘brutaal’ en ‘respectloos’. Deze omschrijvingen komen ook nog terug in de 19e eeuw, maar de laatste revolte was in 1800. De aanhoudende angst voor opstanden zou er beetje bij beetje voor zorgen dat de levens van de slaafgemaakten enigszins verbeterden. De onrust onder de Curaçaose slavenbevolking nam zeker toe nadat de Engelsen (1833) en de Fransen (1848) de slavernij afschaften. Al vóór 1863 nam het aantal Curaçaose vrijgelaten slaafgemaakten toe, net als het aantal dat zichzelf kon vrijkopen. De afschaffing van de slavernij veranderde vrij weinig aan het systeem op Curaçao. De laatste slaafgemaakten waren nu ook vrije mensen, maar nog steeds waren zij gebonden aan hun voormalige eigenaren. Regelingen voor ander werk en andere woningen waren immers niet genomen.

Het is dus allerminst vreemd dat 1 juli geen belangrijke plaats heeft in het collectief geheugen van Curaçao. De afschaffing van de slavernij is een sociaal politiek proces dat zich ver weg in Nederland heeft gespeeld en dat eindigde op 1 juli 1863. De emancipatie van de Curaçaoënaars is een proces dat niet gestopt is op die datum en dat zich nog steeds gaande is. 17 augustus 1795 is een belangrijk punt in dat proces van zelfontwikkeling, 1 juli was een eerder een formaliteit.

Note: In 2013 schreef ik al dit artikel voor mijn afstuderen aan de Fontys Hogeschool Journalistiek. Vier jaar later wil ik hiermee laten zien hoeveel ik geleerd heb tijdens de master Maatschappijgeschiedenis aan de EUR. Mijn master thesis (hier te lezen) gaat over de emancipatie van de Curaçaose slaafgemaakten tussen 1795 en 1863. Dankzij de nieuw opgedane kennis en mijn verbeterde inzichten verdient dat het artikel uit 2013 deze update.

Leeft de slavernij nog?

Naspelen slavernij bij Kura Hulanda

Naspelen slavernij bij Kura Hulanda

Sinds de officiële afschaffing van de slavernij zijn we 150 jaar verder. Heeft Curaçao deze tijd afgesloten of speelt het eigenlijk nog steeds? Eline van Gassen en ikzelf zijn naar het eiland gegaan met de vraag ‘Leeft de slavernij nog?’

Dit item hebben Eline en ik samen gemaakt. Eline is verantwoordelijk geweest voor het beeldverhaal, al moet ik zeggen dat het wegspringende beeld op 3 minuten hoogst waarschijnlijk mijn fout is. Waarschijnlijk is er iets misgegaan bij het exporteren. Eline heeft gefilmd en heeft het leeuwendeel van het monteren gedaan. Zij heeft dan ook veel en veel meer ervaring. Wel zat ik er iedere montagedag bij en heb ik mezelf -tot grote vreugde van Eline- overal tegenaan bemoeid. Zo heb ik wel weer heel veel geleerd. Dank daarvoor.

De verhaallijn is, net als het onderwerp zelf, mijn idee. Op het beeldverhaal kan ik in dit geval niet beoordeeld worden. Voor we naar Curaçao gingen hebben we dit duidelijk afgesproken, zo kan Eline het item ook gebruiken voor haar afstuderen. Over het verhaal ben ik absoluut tevreden. Het sluit aan bij het krantenstuk en bij de radiodocu. Het belangrijkste is misschien wel dat het laat zien hoe en of de slavernij nog leeft in de hoofden en harten van de Curaçaoënaars.

Genoeg gesproken, hier is het eindresultaat van onze tv-productie. De kwaliteit is door het verkleinen en zo geschikt maken voor YouTube verminderd:

Muziek: http://www.youtube.com/watch?v=WybzQAIyD4Y
Animatie kaartje: Stefan Goemans. (NOGMAALS DUIZENDMAAL DANK)
Oude plaatjes: http://www.youtube.com/watch?v=m2jcVGj0xvs

Beelden en beeldverhaal: Eline van Gassen
Onderwerp en opbouw: Tessa Hofland
Interviews, voorbereid door Eline van Gassen en Tessa Hofland
Interviews,uitgevoerd door Tessa Hofland

** Natuurlijk is het Dolph van Stapele

De held van Curaçao

1795, Frankrijk is de baas in Nederland. Officieel heeft Frankrijk de slavernij afgeschaft. Wat dus eigenlijk betekent dat de slavernij ook in Nederland verboden is… Het duurt even voor het nieuws Curaçao bereikt. De slaveneigenaren houden dit natuurlijk stil voor de slaven. Toch hoort een slaaf van plantage Knip hiervan. Hij besluit dat dit dan het einde moet zijn van de onderdrukking. Wettelijk gezien zijn alle slaven nu toch vrij? De naam van deze slaaf is Tula.

Vele, vele jaren later, in 2009 om precies te zijn is deze Tula uitgeroepen tot de nationale held van Curaçao. En in de zomer van 2013 is de film ‘Tula, The Revolt’ uitgekomen. Wie is deze held en wat weten mensen van hem? Op Curaçao ben ik op zoek gegaan naar de antwoorden van de volgende de vragen :‘Wie is Tula en wat betekent hij voor het eiland?’


Muziek: Aurora Ta Yora (Aurora huilt) van Junior Tecla. Hier te vinden op YouTube.

Een ouderwets lang radioproduct. Dat wilde ik graag eens maken, dat wil ik ook kunnen. Al met al ben ik tevreden. Het was veel materiaal, nog meer informatie en daarin heb ik behoorlijk moeten selecteren. Kill your darlings tot de max. Nu heb ik het verhaal van Tula neergezet, maar ook geschetst hoe bekend en hoe belangrijk deze martellaarsheld is op en voor Curaçao.

Afschaffing slavernij geen reden tot feest (2013)

Afschaffing slavernij geen reden tot feest.
(Document. Meer foto’s onderaan)

Door Tessa Hofland. 1 juli 2013

KNIP – De afschaffing van de slavernij is vandaag ook op Curaçao herdacht. Waar in Suriname vandaag het land op zijn kop staat, is Curaçao stil. Hier is 1 juli geen feestdag, maar een dag om te herdenken. Vrijheid wordt zeker gevierd, maar daar zijn andere dagen voor.

Waar kan je op Curaçao de afschaffing van de slavernij beter herdenken dan hier? Hier bij het landhuis op de voormalige plantage Knip is ooit de Grote Slavenopstand van 1795 begonnen. Deze opstand ziet men op Curaçao als het begin van het einde van de slavernij.

Een tijd van slavernij die niet zomaar stopte 150 jaar geleden. Op dat moment is er een handtekening gezet. Het heeft nog vele jaren geduurd voor slaven echt vrij waren, voor ze een eigen leven konden gaan opbouwen. Nog steeds maakt dit verleden een  groot deel uit van het heden. “Jaren van onderdrukking laten sporen achter”, zo vertelt Jeanne Hendriquez, conservator van Museo Tula. Het museum over Tula, een slaaf van plantage Knip en de leider van de Grote Slavenopstand. Het museum is hier gevestigd in landhuis Knip. “Het zou gek zijn als de slavernij geen sporen zou hebben nagelaten. Mensen werden behandeld als een product. Je hoefde maar één ding te kunnen: doen wat je bevolen werd. Hoe kan een volk zich zo ontwikkelen? Mensen hier denken er liever niet meer aan, maar het is van groot belang je achtergrond te kennen.”

Dat is waarom sinds één jaar toch wordt stil gestaan bij de afschaffing van de slavernij op 1 juli 1863. Alle sprekers lijken het vandaag daarover eens: het is belangrijk om ook te herdenken. Herdenken is belangrijk als je als mens en als land aan je toekomst wilt werken. Je moet weten hoe kort geleden die slaventijd nog maar is. Erg kort dus.

“Sorry”, zegt Elfried Koots, bestuurslid van Fundashon Museo Tula. “Op deze plantage, dus hier op deze plek zijn mijn grootvader en overgrootvader ‘vito’ geweest”, gaat Koots verder. “De vito zorgde voor de bezittingen van de slavenmeester. Soms maakte vito’s misbruik van hun macht en behandelden de andere slaven erg slecht.” Koots voelde al jaren de druk om zich te excuseren voor de daden van zijn voorouders. Toch zit er meer achter dit excuses. Deze sorry is bedoeld om meer mensen aan te moedigen hetzelfde te doen. “Het is tijd dat ook Nederland terechte excuses aanbiedt aan Curaçao. Een echte spijtbetuiging, daar wachten we nu nog op. Dan kunnen we echt verder met ons land op te bouwen”, sluit Koots af. Een luid applaus volgt.

Op de veranda van het oude landhuis zit een gezelschap van ministers, de gouverneur, de leiders van politieke partijen en enkele genodigden te luisteren naar alle speeches. Alleen minister-president Ivar Asjes is afwezig. Hij excuseert zich. Hij krijgt ‘hoog politiek bezoek’ van Aruba vandaag. De eerste juli is blijkbaar nog niet zo belangrijk dat hij bij deze viering aanwezig moet zijn.

Om deze herdenkingsdag toch kracht bij te zetten, komt de minister van Cultuur Rubia Bitorina met een kleine verrassing. Museum Tula komt op de UNESCO-lijst. “Zo geven we erkenning voor het belang van het vertellen van Tula’s verhaal”, aldus de minister. Daarna vergelijkt Bitorina in haar speech de viering van vandaag met die in Suriname. “De Antillen zijn stoutmoediger. Zij vieren niet 1 juli als dag van de vrijheid. Zij vieren in augustus dat de slaven hun eigen leven wilden leiden. Zij vieren 17 augustus. Dit is de dag dat Tula in 1795 de Grote Slavenopstand begon. De dag dat slaven zelf besloten vrij te zijn. Dat is een reden om te vieren.”

Morgen is het de beurt aan Curaçao om op zijn kop te staan. Twee juli is hier Dia di Bandera, de dag van de vlag. Het hebben van een eigen vlag, land en volkslied wordt dan gevierd. Winkels zijn dicht en over het gehele eiland zijn feesten. Een groot contrast met vandaag. Op deze herdenking na, wordt er verder eigenlijk nergens bij de afschaffing stilgestaan.

Note: Dit artikel is geschreven in juli 2013, vóór ik aan de master Maatschappijgeschiedenis begon. In 2017, enige tijd na het afronden van die master, heb ik de informatie uit dit artikel gebruikt voor een update.

De kerk zegt sorry

Sorry. Sorry voor wat onze voorouders de slaven hebben aangedaan. De Vereniging Protestantse Gemeente van Curaçao vraagt in een speciale dienst om vergeving voor hun aandeel in de slavernij. De kerk had meer kunnen en moeten doen, zo stelt de vereniging nu. Morgen is het precies 150 jaar geleden dat slavernij officieel verboden werd in Nederland. Ik was bij de kerkdienst.